Belastingdienst intensiveert toezicht op stichtingen en verenigingen

In 2017 heeft de Belastingdienst besloten de handhaving van de belastingplicht van stichtingen en verenigingen te intensiveren. Onterecht heerst namelijk vaak de gedachte dat er geen belastingplicht is als in de oprichtingsakte geen winstoogmerk is opgenomen. Vele stichtingen en verenigingen ondernemen echter activiteiten die kunnen leiden tot een belastingplicht voor de loonheffing, omzetbelasting en/of vennootschapsbelasting. Denk hierbij aan bijvoorbeeld fondsenwerving.

Door het herbeoordelen van de belastingplicht bestrijdt de Belastingdienst oneerlijke concurrentie met het bedrijfsleven. Zodra sprake is van belastingplicht zal deze ingaan met ingang van het volgende jaar. De belastingplicht gaat eerder in als sprake is van constructies en/of serieuze concurrentie.

De Belastingdienst verstuurt brochures met een begeleidende brief (zie bijlagen) over de belastingplicht. De voorlichting en herbeoordeling wordt per branche opgepakt. Voor 2019 zullen dat de sportbranche en de Verenigingen van Eigenaars (VvE’s) zijn, daarna volgen andere branches.

Bron/Instantie: Belastingdienst